De stadsrand van Almelo is dynamisch: Een ontwikkelende stad in combinatie met ondernemende agrariërs. In een dynamisch gebied ontstaan veel kansen. Nu is het de uitdaging om deze kansen op te pakken. Dit kan door de ontwikkelingen te koppelen en niet zoals tot nu toe ieder, gemeente en agrarisch ondernemers, verder gaan in de eigen wereld. Schijnbaar tegengestelde belangen vragen vaak om eenzelfde of gezamenlijke oplossing.
Stedelijke ontwikkeling:
De stedelijke ontwikkelingen (stadsuitbreidingen en infrastructuur) worden vooral vanuit stadse behoeftes ingevuld. De gemeente ontwikkelt plannen waarin de nieuwe functie centraal staat. Aan de nadelige gevolgen voor de omliggende bedrijven en omwonenden wordt in een later stadium (bij de inspraak of na realisatie) aandacht besteed.
Agrarische bedrijven:
De agrarische sector in de stads- en dorpsrand bestaat uit veehouderijen, de diersoorten zijn: melkvee (19), varkens(15) jongvee opfok (6), paarden (3), vleesvee (2) en schapen (1).
Vooral de melkvee- en varkensbedrijven hebben uitbreidingsplannen voor de toekomst. De andere bedrijven gaan in eenzelfde omvang verder of willen afbouwen.
Opvallend is de sterke voorkeur voor gangbare landbouw. De melkvee- en varkenshouders hebben op dit moment geen neventakken in de verbrede landbouw. Verbreding komt voor op bedrijven waar de melkveetak reeds is afgestoten. Blijkbaar is de combinatie van professionele verbreding en een volledig melkvee- of varkensbedrijf moeilijk te handhaven. De aandacht van de ondernemer moet verdeeld worden over twee totaal verschillende takken. Inzet op verbreding wordt vaak ingegeven door het geringe toekomstperspectief in de reguliere landbouw op de huidige plek. De keuze voor de vorm van verbreding is afhankelijk van de persoonlijke interesses
Pachtbedrijven:
Bijna alle pachtbedrijven zijn melkveebedrijven en daardoor sterk afhankelijk van hun grondsituatie. In omvang zijn de pachtbedrijven gemiddeld kleiner dan de eigen bedrijven. Schaalvergroting kan plaatsvinden door het samenvoegen van pachtbedrijven.
Grond:
Ten behoeve van de nieuwe stedelijke ontwikkelingen wordt veel landbouwgrond opgekocht en aan de landbouw onttrokken. Daar waar in de verre toekomst nieuwe stedelijke ontwikkelingen te verwachten zijn, stagneert nu reeds de verkoop van landbouwgronden, hierdoor is er vrijwel geen aanbod. De vraag vanuit de blijvende melkveehouders is zeer groot.
Milieu:
Van een viertal situaties is bekend dat de ontwikkeling van varkensbedrijven en stedelijke ontwikkeling met elkaar in conflict komt; uitbreiding van het varkensbedrijf of de stedelijke uitbreiding is hierdoor niet mogelijk.
Verkeer:
De aanleg van nieuwe infrastructuur heeft verschillende landbouwroutes afgesneden. Bij de aanleg van de wegen is onvoldoende rekening gehouden met het groot langzaam verkeer, zowel landbouwverkeer als bouwverkeer. Ook hiervoor moet nu achteraf naar acceptabele oplossingen gezocht worden.
Water:
De aanleg van “De Doorbraak” zorgt voor veel onrust onder de agrariërs. Men vreest in de toekomst geconfronteerd te worden met een verhoging van het waterpeil en extra belemmering
Recreatief medegebruik:
De agrariërs waarderen over het algemeen de contacten met de recreanten maar zijn wel huiverig voor de mogelijke gevolgen recreatief medegebruik zoals de insleep van ziektes, opjagen van vee en het achterlaten van zwerfafval. Tevens wordt de combinatie recreatief verkeer en landbouwverkeer als zeer gevaarlijk ervaren.